En aangezien ik zo lekker bezig ben vandaag meteen nog maar een. Omdat ik er net een les over heb gegeven op een niet nader te noemen basisschool. Omdat ik er net 26 lessen over heb gegeven op een niet nader te noemen middelbare school. Ik zou er dus verstand van moeten hebben. Vraag maar aan google. We staan met ons gmail account nog steeds op de zwarte lijst.
Wat ik altijd merk tijdens lessen is dat kinderen en volwassenen in theorie wel weten welke risico's ze lopen. Maar in de praktijk delen ze hun wachtwoord met hun beste vriend(inn)en, gebruiken ze hele makkelijke wachtwoorden en geven ze hun gegevens zo weg als je er maar om vraagt.
Misschien helpt het als ik dan een spookverhaal vertel van wat er allemaal kan gebeuren als iemand zoveel van je weet. Vervelende foto's, dingen die je ooit gezegd hebt, wie je vrienden zijn. Er zijn er altijd die het kwaadschiks moeten leren. Ach ja, ik hoop dan maar dat een les helpt.
Het grappige is dat ik weet dat overheidsinstanties zich heel erg bewust zijn van privacy. Ik heb ooit een blauwe maandag voor gemeentes de "Basisregistratie Adressen en Gebouwen" ingevoerd, onderdeel van de grote overheidsdatabase met alles en iedereen er in. Maar niemand kon bij alle gegevens.
Hoewel, toen het even nodig was om een wat meer te weten en ik een hogere autoriteit kreeg (zo heet dat) werd ik opeens een soort van superuser. Dat was niet helemaal de bedoeling. Foutje. Dus of je gegevens bij de overheid veilig zijn weet ik niet. Sinds diginotar weten we dat er binnen de overheid nogal wat onkunde op beveiligingsgebied bestaat.
Dus doen we voorzichtig met wat we van onszelf prijs geven aan de overheden. Big Brother, weetjewel? Maar als google of facebook om onse mobiele telefoonnummer vraagt geven we dat maar al te vlotjes.
Ik niet, natuurlijk. Ik kijk wel uit. Ik weet hoe het hoort. En toen ging ik mezelf even googlen voor deze opdracht kwam ik ook alleen maar leuke dingen over mezelf op het internet tegen. Na de trits sociale netwerken waar ik blijkbaar op zit. De schok kwam toen ik mijn e-mail adres googlede. Daar ben ik bijna helemaal zorgvuldig mee om gegaan. De befaamde stalksite wieowie.nl kent hem niet. Maar hoe komt een site als yasni.nl er aan? En mijn telefoonnummer ook nog? Ik weet het inmiddels, ik verwijt het mezelf niet heel erg maar jeetje. Toch onvoorzichtig geweest.

We leven in het tijdperk van de "big data". Alles wordt vastgelegd, hoe willekeurig het ook lijkt. Door de juiste algoritmes zijn er dwarsverbanden te leggen die nooit eerder zichtbaar waren. Kijk maar eens naar de toekomstige zoekmogelijkheden van Facebook waarmee het voor iedereen mogelijk wordt om zaken inzichtelijk te maken die tot voor kort nauwelijks mogelijk waren. Wat je ooit op diverse momenten en plekken hebt vrijgegeven van jezelf, weloverwogen en per gebeurtenis onschuldig lijkend, wordt nu door slim combineren verdomd interessante informatie. Jouw profiel (zoekgedrag, wie ben je, wat interesseert je, naw gegevens) is goud waard. Hoe kunnen we verwachten dat de gemiddelde burger daar mee om kan (leren) gaan? Ik hou altijd een pleidooi voor een "gezond gevoel van wantrouwen", maar is dat genoeg?
BeantwoordenVerwijderenInteressant! Stalktool nummer 1 wordt nog beter! Hoewel de zoekfunctie van Facebook nu abominabel is en partner Bing ook te wensen over laat. Ik ben wel benieuwd. Maar ik ben vooral benieuwd naar welk sociale medium we over vier jaar allemaal vluchten als Facebook definitief heeft afgedaan.
BeantwoordenVerwijderen